Het ontstaan van het Likeurmuseum

De grondslag van het museum ligt al enkele generaties terug. De in 1878 te Tilburg geboren lsidorus Jonkers begon daar op jeugdige leeftijd een agenturen- en commissiehandel, genaamd: Is. Jonkers & Zonen. Begin 1900 startte hij een likeurstokerij. Zoon Frans zette het bedrijf voort en hij specialiseerde zich meer in fijne likeuren en advocaat. Prof. dr. van der Waals (in die dagen een zeer bekend scheikundige en zijn overbuurman) leidde hem op. Het bedrijfspandje bij de ouderlijke woning werd echter snel te klein en men zocht naar een nieuw onderkomen. Men vond dat in het centrum van Tilburg. Na diverse verhuizingen belandde de onderneming op industrieterrein 'Kraaiven' te Tilburg.

In 1931 kreeg lsidorus een kleinzoon, ook lsidorus genaamd. Tijdens de laatste jaren op school maakte hij ook al advocaat. lsidorus was altijd bezig met het bedenken van ideeën zonder dat zijn vader daarvan weet had. "Met drank bezig zijn is me eigenlijk aangeboren", aldus de jonge Isidorus. In 1950 werd de onderneming Is. Jonkers & Zonen een Vennootschap onder Firma; vennoten werden Is en zijn vader Frans. In 1930 werd het product Jocona ‘Wijn met Cognac’ ontwikkeld en op de markt gebracht, een wijnaperitief. Men verkocht dit product regionaal in Tilburg en de omliggende dorpen. Na de watersnoodramp verkocht de eerste handelsagent, de heer Van der Made, Jocona ook in West-Brabant. De ogen gingen open, want Jocona liep als een trein. Het werd veel op beurzen gepresenteerd en binnen een paar jaar werd het in heel Nederland verkocht. Ook de verkoop van andere eigen producten ging beter.

In 1968 nam vennootschap Hamer van Belle & Croon & Co over. Dit bedrijf had als specialiteit in het wijnaperitief 'Tonio'. Hamer van Belle bezat een zeer uitgebreide bedrijfsuitrusting uit de beginperiode van de negentiende eeuw. Toen kwam bij lsidorus de gedachte op om deze uitrusting, samen met de bedrijfsuitrusting van het ouderlijk bedrijf, voor het nageslacht te bewaren en in een museum onder te brengen. In die tijd moderniseerden veel bedrijven hun infrastructuur en de oude materialen werden gesloopt en vernietigd. Alles werd waar nodig zorgvuldig gerestaureerd. In 1975 verkocht men het pand op het industrieterrein ‘Kraaiven’ aan Distilleerderij M. Dirkzwager B.V. te Schiedam. De museumstukken werden elders opgeslagen. Isidorus zocht naar een geschikt pand en dat vond hij in de verstilde bossen van Hilvarenbeek.

Na de renovatie van het pand werd op 17 april 1984 bij notariële akte de ‘STICHTING LIKEURMUSEUM ISIDORUS JONKERS’ opgericht en na veertien dagen - op 4 mei 1985 – opende het museum de deuren voor zijn bezoekers. Bij de opening beschikte het museum over de likeurstokerij anno 1833 en twee vitrinekasten met verscheidene voorwerpen die betrekking hebben op de productie van likeur. De stokerij, de trots van het museum, vormt de basis van de rondleidingen. 1989 werd voor het museum een belangrijk jaar, want in dat jaar werd de Stichting ‘Vrienden van het Nationaal Likeurmuseum lsidorus Jonkers’ opgericht.

Terug naar alle artikelen